12 juni 2009: 07 JUN MH856 YOG - KUL

yog-kul
Het was 05.00 uur in de ochtend toen ik de deur van kamer 105 in hotel Mulia Baru achter me dicht trok om op zoek naar koffie te gaan. N. lag nog te slapen, zij was de avond daarvoor langsgekomen en was niet

naar huis gegaan. Nu zat ik met haar opgescheept de ochtend van mijn vertrek. Ik vermoedde dat het een soort wanhoopspoging van haar was geweest, ze zou dit jaar 40 worden en nog steeds was er geen man die haar deed stoppen met dromen, een man die ze naar haar hand zou kunnen zetten en die de familie financieel op een hoger plan zou kunnen brengen. Als compensatie voor een eigen gezin had ze een jongetje als haar kind aangenomen van een familielid die er niet voor kon zorgen. Sinds ik haar had leren kennen was ze altijd al iets opdringerig geweest, maar ik had al haar toenaderingspogingen handig kunnen ontwijken. Ze kon niet begrijpen dat een man alleen wenste te wonen en zijn huishoudelijke leven door een meid liet regelen. Zeker op mijn leeftijd zou ik getrouwd moeten wezen, met een zorgzame vrouw, voor als ik ziek zou worden.

Terwijl ik koffie zat te drinken ontving ik een sms'je van T. ze wilde naar het hotel komen om afscheid te nemen, ze zou ook nog meegaan naar de airport om wat laatste glimpen van mij op te vangen. Ik zei dat het niet nodig was naar het hotel te komen, ik zou haar oppikken ze woonde immers aan de weg die ik naar Yogyakarta af ging leggen. Ik had waarschijnlijk iets verdachts gezegd, want ze bleef volhouden. Gelukkig wist ze niet in welk hotel ik zat, dus waren er geen problemen te verwachten. Ik had daar ook geen zin in. T. was mij dierbaar, ze had jaren goed voor mij gezorgd, daar had betaling tegenover gestaan. Daarbij bleef ze ook graag slapen als ik er niet was om op het huis te passen als ik er wel was om mij van haar schitterende figuur te laten genieten. Ik had veel van haar geleerd op het gebied van het Javaanse gezinsleven, ze vertelde vaak over thuis, het was niet zozeer vertellen, maar meer zeuren, daar was T. goed in. Veel van de verhalen had ik vaak gehoord, maar bevestigden de eentonigheid van haar bestaan. Elke dag werken om de familie in stand te houden, als er geld geëist werd dan stond ze dat af. Zij had zelf alleen pulsa om haar HP'tje te laten werken en benzine voorhaar motor nodig. Vooral haar moeder was erg verkwistend, ik herinnerde me dat zij geld van T. had geëist om een warung waarin ze groenten zou gaan verkopen. Zij had dit 2 weken geprobeerd en had toen geen zin meer. Erger voor T. was dat haar moeder het een schande vond dat zij op 32-jarige leeftijd nog steeds niet was getrouwd. Regelmatig kwam zij met huwelijkskandidaten op de proppen, meestal oudere ambtenaren wier lelijkheid het daglicht nauwelijks konden verdragen. Maar ja een ambtenaar was een goede partij en gaf status. Als er zo een man kwam opdagen vluchtte T het huis uit, zij wilde niet door haar moeder aan de man geholpen worden. Na zo een aanbod hadden T. en haar moeder wekenlang ruzie, dat duurdee meestal tot dat het salaris van T. was gestort.

Ik zat achter een glas koffie mijn laatste dag in Solo over te denken. Na 11 jaar en 1 maand zou er een einde aan dit verblijf is deze stad komen. Ik had er veel plezier gehad, doch na heel lang op Java gewoond te hebben vond ik het genoeg, het leven op dit overvolle eiland begon me te vervelen. De laatste jaren had ik Oost-Indonesië ontdekt als land waar het leven nog goed is, maar elke keer moest ik weer terug naar Solo, omdat ik daar nou eenmaal een huis had. Ik had de inboedel verkocht voor een prijs die mij tevreden stemde, de sleutel had ik aan de huisbaas terug gegeven, hoewel het huurcontract nog liep. Ik was als reiziger naar Indonesië gekomen, langzamerhand ingeslapen tot een gewone burger die ergens in een stad op Midden-Java woonde, drijvend op zijn dagelijkse routine, waarbij een mens zich zo gemaakt gelukkig voelen kan. Misschien was ik op tijd wakker geworden door het reizen te herontdekken. Over een paar uur zou het statische in mijn Indonesische leven over zijn. Ik dacht aan de vrouwen die verdriet hadden nadat ik had gezegd "nooit meer in Solo terug te komen". Ik had het niet gemeend, maar het werd zeer serieus genomen. Ik had het afgezwakt toen 10 mij een kamer in haar huis liet zien, waar ik altijd zou kunnen verblijven. Langzaam begon er zich een plaatje te ontwikkelen van Solo als rustplaats op doorreis. Ik kende veel mensen in deze stad, allerlei administratieve rompslomp voor een langer verblijf in Indo zou hier vrij eenvoudig geregeld kunnen worden. Ik besloot Solo in gedachten te houden, als rustpunt voor de toekomst.

Terug in het hotel was N. al opgestaan, ze deed lief, stelde veel vragen. Vooral over vrouwen in mijn leven. Op zo een moment is het verstandig om te vertellen dat je door een slechte vrouw verlaten bent, blij dat je ervan af bent, nog blijer dat je eindelijk een nieuwe hebt gevonden. Ik vertelde haar over T. die met me mee zou rijden, ik werd over T. ondervraagt, in de ogen van N. was ze niet zo slim. Ik zei dat ik haar graag mocht en dat ze goed voor mij was, zonder dat ik daar verder veel bij voelde. N. probeerde terrein te winnen, ik gaf het haar niet. Ik herinnerde me dat ze mij een jaar geleden voor een huwelijksreceptie in de kraton had uitgenodigd. Ik had daar bijzonder genoten, vanwege de mooie kleding, de goede en juiste muziek en de typisch Javaanse beschaafde omgang van de mensen onderling. Op de terugweg liepen we richting haar huis, ze had mijn hand vastgepakt en zei daar bij "Lon we kennen elkaar inmiddels twee jaar...". Ik voelde nattigheid en weigerde het smalle donkere straatje in te gaan in welke richting zij mij duwde. Het was die keer met een sisser afgelopen, afgelopen week had N. echter toegeslagen, ze had daarbij gezegd "Lon, we kennen elkaar inmiddels drie jaar..". Ik verkeerde in een positie dat ik geen kant op kon en accepteerde ik haar avances maar en gaf me over. Ik wist dat het hoogstens een nacht zou duren. Nu was ik mijn bagage aan het pakken, sms'te af en toe naar T. Het was tijd om een taxi te bellen, deze kwam al snel, ik nam afscheid van N. en moest haar van alles beloven. Ik antwoordde met "Ja, ja..." en nog eens ja, daarbij glimlachend zoals ik dat op Java had geleerd.

Ik maakte een deal met de taxichauffeur, de rit naar het vliegveld van Yogya zou 160.000 Rp kosten, ik zou 60.000 Rp benzinegeld bij betalen om T. naar huis terug te laten rijden. T. wachtte bij het kruispunt Pakistan. Pakistan was een belangrijk kruispunt in mijn leven, als ik bij dit kruispunt vanaf Yogya afsloeg scheelde dat 15 kilometer, alleen kon ik de naam van de plaats nooit onthouden, die was Pakis. Nadat ik er Pakistan van had gemaakt vergat ik het nooit meer. We gingen samen achterin de taxi zitten. T. had een groot pak bij zich, daar zat tape singkong in, een bestelling van een vriend uit Nederland. Het pak woog echter meer dan 5 kilo. Ik vreesde overgewicht en de douane in Nederland. Ik vroeg T. het pak open te maken en deed wat van de tape over in een plastic zak, hoogstens 1 kilo. T. was verbaasd dat ik dit kleine pak in mijn bagage zou stoppen. Meer dan genoeg zei ik, deel de rest maar uit in de kampung. We reden langs de grote en belachelijke adelaar die de luchthaven van Yogya markeert, nooit een foto van gemaakt dacht ik. We stopten in de drukte en stapten uit. T. wist niet hoe ze moest kijken, maar ze hield zich flink. Aan onze relatie zou op dat moment een einde komen. Zij hoorde bij het huis dat ik had opgegeven. We namen koel afscheid en ik liep langs de bagagecontrole, daarna naar de incheckbalie.

Voor de balie stond een lange rij bagagetrollies met Maleisiërs erbij. Het inchecken leek een eeuwigheid te duren. Voor mij stond een aantrekkelijke Zwitserse, die een jaar lang als vrijwilligster te Yogya had gewerkt. na lang wachten mochten we inchecken bij de balie voor de bisnisclasse. Ik was wat in de war, had ik alles wel, mijn papieren op de juiste plek, bankpas, paspoort. Ik had dit allemaal op een vaste plek gestopt, maar door het inchecken geraakte het door je jaren beproefde systeem in de war. Daarna betaalde ik de 100.000 Rp airporttax en liet mijn paspoort bij de Imigrasi afstempelen. Ik liep de wachtruimte in, daar was geen plaats om even iets te roken en ook was er niets te drinken te koop. Ik was een uur voor vertrek aanwezig en had niet verwacht dat de voorzieningen zo miniem zouden zijn, eruit mocht ik niet meer. Ik zat gevangen in niemandsland. Op de airport van Yogya staat met grote letters "International" dat staat bergengsi, maar je moest een weten dat het international als voorziening voor de klant uit een wachtruimte met betere stoelen bestond, drie luid schreeuwende TV's, een toilet waar je de net gewassen handen niet eens kon afdrogen. De oproep tot boarden kwam, de wachtenden liepen naar de gate. Daar werden ze echter na lange tijd gestaan te hebben weer terug naar de stoelen gedirigeerd. Men liet daarna de passagiers instappen volgens het systeem invaliden eerst, dan ouders met kinderen en dan de rest. Vooral de invaliden gaven nogal wat werk. Die zaten niet alleen in een karretje, maar hadden ook erg veel handbagage, die hadden het gemak van vervoer naar het vliegtuig reeds van te voren ingeschat. Toen ik eindelijk was ingestapt zat ik op seat 27 C dat was de achterste rij van de B737-400, de gehele rij had ik voor mijzelf in het voor minder dan de helft gevulde vliegtuig. Het verloop van de vlucht wordt uitgebeeld met onderstaande plaatjes:

.yog-kul
De internationale wachtruimte op het vliegveld Adisutjipto - Yogyakarta

yog-kul
De gereedstaande B737 - 400 van MAS de 9M - MQK

De 9M - MQK dateert uit 1994, dus niet echt jong voor een bedrijf als MAS. Op de achtergrond een privévliegtuig, de PK - DHK een Embraer ERJ-135 Legacy. Misschien gechartered door SBY? Die was op verkiezingscampagne in midden Java.

yog-kul
Draai boven Yogya

yog-kul
De zuidkust bij Yogya

Deze vlucht ging niet langs de Merapi, maar vloog via de zuidkust, daarna Bandung, Jakarta en verder naar Kuala Lumpur.

yog-kul
De lunch aan boord, met rode wijn, altijd een delicatesse als je dat niet meer gewend bent.

De lunch bestond uit Chicken Biryani en smaakte me bijzonder goed. Links drie chocoladeballen met hazelnoot van het merk "Ferrero Rocher", vaak gezien maar nooit gegeten. Zijn lekker kwamen van ver want waren in Brazilië vervaardigd. Na de lunch nog een tweede glas wijn en viel ik in slaap. Ik werd pas wakker toen de landing op KLIA werd ingezet. Ik kan dus spreken van een zeer geslaagde vlucht.

Reacties

wat zielig voor die vrouwen :(

hoe is het nu? je bent toch in amsterdam?
12 juni 2009 19:26:57
Mooi verhaal van een afscheid...

Die Embrear 135 behoort tot het bedrijf Premiair. Een bedrijfje dat een aantal erg nette zakenjets in hun vloot heeft waaronder een Fokker 100. Daar zal vast wel een behoorlijke markt voor zijn: http://www.flypremiair.com/about/dsp_profile.htm
13 juni 2009 07:55:29
Hi Richy,

Daar is momenteel zeker een behoorlijke markt voor vanwege de verkiezingen. De kandidaten laten zich van hot naar her vliegen.

Hi h0mpy,

Met Indonesiche vrouwen hoef je geen medelijden te hebben, die redden zich wel, juist de mannen zijn zielig. Inderdaad ik zit nu in Amsterdam, eerlijk gezegd tot mijn grote genoegen. Voorlopig voor 6 maanden, even hier het e.e.a. op poten zetten.
13 juni 2009 08:43:30

Uw reactie



Toegelaten BBCode:
[b] [i] [u] [s] [color=] [size=] [quote] [code] [email] [img] [youtube]

Reacties worden eerst beoordeeld alvorens te verschijnen.