02 november 2009: Wayang revolusi in Bronbeek

wayang revolusi
Afgelopen week was ik in Arnhem bij Bronbeek . Daar ben ik verleden jaar ook al geweest en heb toen uitgebreid de kanonnen die dit museum

bezit gefotografeerd. Ik had deze keer een afspraak met iemand en Bronbeek leek me een leuke locatie om de persoon in kwestie te ontmoeten.

De trein waar ik op het Amsterdam C.S. in stapte bleek defect te zijn en moest er een monteur voor opgeroepen worden, dat werd dus een half uur vertraging. Ik moest er om lachen want wist dat een dergelijk voorval in Indonesië een halve dag vertraging zou kunnen kosten, met veel geklets en eten op het station onder het uitroepen van “panas", “lama”, “capek” en “pusing”. Een half uur later vertrok op hetzelfde perron een dubbeldeks sneltrein richting Nijmegen. Als ouwe lul had ik die dag recht op vrij reizen. Het was een aangename herfstdag. Ik heb van mijn leven nog nooit zo intens van de herfst genoten als dit jaar. Ik kon me de herfst nauwelijks meer herinneren, de laatste keer dat ik deze helemaal mee heb gemaakt was 20 jaar geleden. Wat een kleurenspel, wat een mystiek en wat een mooi licht. Ik belde mijn relatie dat ik iets later zou komen. Het boek dat ik voor de reis had meegenomen raakte ik niet aan, ik zat op de bovenste afdeling bij het raam in een stille coupé en genoot, voorbij Utrecht wordt het landschap mooi en liet ik alle kleurschakeringen die de stervende natuur mij bood op mij afkomen. Ik realiseerde dat ik dit in Indonesië wel heb gemist. Een beetje herfst is daar terug te zien in een djatibos tijdens het droge seizoen, djatibomen verliezen dan hun bladeren, ik vond dit echter altijd een zeer deprimerend beeld.

In Arnhem is het rond het station oorlog en moet je via vele meccanotrappen in holle houten gangen je weg nar de uitgang zien te vinden, daarna stapte ik in de trolleybus naar Bronbeek, een heerlijk vervoermiddel, ik had nogal bekijks van de veelal oude wijven die in de bus zaten vanwege het gebruik van de chipkaart, dat is in Arnhem nog niet doorgedrongen. Ik moet wel want op de Amsterdamse metro is het gebruik al een verplichting. Bij Bronbeek stond een file, want er waren twee ouwe wijven met hun autootjes op een onbegrijpelijke wijze op elkaar gerost. Mijn wachtende relatie had een mooi schouwspel om de tijd te doden, veel politie die het verkeer stond te regelen, iets dat de puinhoop nog groter maakte, voorwaar een Indonesisch tafereel.

Mijn relatie was een kennis uit het numismatische wereldje, iemand die ik al vrij lang ken, maar nog nooit had ontmoet. Meestal heb ik niet zo een zin in verzamelaars, vaak grijze muizen zonder fantasie of verhaal, die mogen alleen maar bij mij kopen als ze verder maar hun mond houden. Als ze iets te vertellen hebben is dat om te vragen of je iets goedkoops voor ze hebt en wie de portokosten betaald voor een transactie van een tientje. Deze gozer heeft echter belangstelling voor bijzondere dingen, gaat daar ook achter aan en heeft de moed om voor heel veel geld bijzondere dingen te kopen. Iemand met een verhaal, daar heb ik altijd interesse in. We liepen het Museum Bronbeek binnen, de toegang was gratis want ze waren aan het verbouwen, veel afdelingen waren gesloten, dat was dus een kleine misser. We liepen over de begane grond en kletsten honderduit over munten, maar vooral wat daar allemaal mee samenhangt. Natuurlijk spraken we diverse malen over slimme transacties die we ooit gedaan hebben, toen ik daar later aan terug dacht realiseerde ik me dat een praatje over grote missers bij aankopen ook wel eens interessant zou kunnen zijn. In al die jaren dat ik in die handel zit ben ik toch diverse malen goed genaaid. In de handel zwijgt men echter liever over zijn eigen falen. Natuurlijk gingen er diverse gezamenlijke kennissen goed over de tong.

Onder het kletsen door bekeken we het weinige dat er geëxposeerd was, onder andere het schitterende bureau van djatihout met veel snijwerk dat door PB X aan Koningin Wilhelmina was geschonken toen zij in 1928 25 jaar op haar troon zat, een spectaculair kunstwerk. Ook lagen er een paar “vierkante flessen”daarin werd de jenever naar de kolonie geëxporteerd, een geliefde drank bij de KNIL. Dit zijn zogenaamde kelderflessen die door hun vorm, met een dozijn in een kist bijna niet konden breken. Ik vertelde dat ik een heleboel van deze flessen had, iets dat klonk als weer eens lekker opscheppen, maar toch is het waar, ik heb in mijn huiskamer meer dan 100 exemplaren, voor de verkoop, maar nu nog als spaarpot.

vierkante fles
Kelderflessen of "Vierkante flessen" (KNIL-jargon)

Het enige aantrekkelijke bij Bronbeek was eigenlijk de tentoonstelling “Wayang revolusi” met als ondertitel : “Kunst in dienst van de vrijheid” Hoe de Indonesiërs op eigentijdse wijze wajang inzetten om na 60 jaar terug te kijken op hun onafhankelijkheidsstrijd. Een serie eigentijdse en moderne wajangpoppen waarmee de deelnemers aan de revolutie worden afgebeeld, mooi geëxposeerd met lampjes en een doek, zodat de de poppen op twee manieren kon bekijken. Uit een tijd waarin media als radio en TV nog niet algemeen waren was het populaire wajangspel hét middel om grote groepen te bereiken met de boodschap van de revolutie. De kijkers konden zich gemakkelijk verbinden met de herkenbare (standaard-)karakters van de goede helden en hun kwade tegenstanders. Dat was dus de moeite waard. Er was nog een film maar die heb ik niet bekeken, want te druk met kletsen. Er lagen ook nog mooie medailles en dat is voor een muntenverzamelaar ook de moeite waard omdat de Nederlandse onderscheidingen ook vaak bij de Rijksmunt werden gemaakt.

wayang revolusi
Soekarno als wayang

wayang revolusi
Generaal Spoor als wayang,

ook zijn uniform geschonken door zijn echtgenote was te bewonderen.

wayang revolusi
Een scène uit een film die op de tentoonstelling is te zien.

Na veel gekletst te hebben werd het tijd om iets te drinken en te gaan eten. Er is op het terrein een Indisch restaurant dat Kumpulan Bronbeek heet, we gingen daar naar binnen en liepen door grote zalen met gedekte tafels, aan 1 tafeltje in een immense ruimte zat er een dame te eten. Eindelijk vonden we een ruimte met een bar waar aan een grote tafel een groep Indischen in witte pakken zat te eten (natuurlijk) en te converseren. Daar kregen we te horen dat men alleen voor groepen caterde en wij hoogstens iets konden drinken. Ik keek naar een heel mooie Indische dame en zei “Sayang sekali”. We besloten daarop maar naar de stad te gaan, waar het enige moeite kostte om een parkeergarage binnen te komen en nog moeilijker om deze via een lift te verlaten. We besloten de dag met biefstuk, saté, stokbrood en witbier. Het was alweer donker toen ik met een forensentrein naar Mokum CS terug keerde, dat is ook herfst, laat licht en vroeg donker.

kumpulan bronbeek

Het oudere stuk over Bronbeek










Reacties

Geachte Heer,

Graag zou ik met u in contact komen om over de kelderflessen te praten,
al zijn ze van ver voor mijn tijd aangezien ik zelf uit 1955 ben.
Op mijn reizen ben ik er mee in aanraking gekomen vandaar mijn belangstelling.

Mvg,
Wilfred du Buisson
18 december 2009 17:28:57

Uw reactie



Toegelaten BBCode:
[b] [i] [u] [s] [color=] [size=] [quote] [code] [email] [img] [youtube]

Reacties worden eerst beoordeeld alvorens te verschijnen.