03 november 2009

Indische pech en gevleugeld geluk

fabel
Dit oude verhaal vond ik tussen allerlei papieren, niet afgemaakt. Het draagt als ondertitel : "Een licht Indisch getinte fabel", ik heb het al jaren. Eens kijken wat ik er van terecht breng, ter verstrooiing:


In de tijd van de Grote Trek der Indo’s naar het land van haring en wittebrood, begin 50’er jaren der vorige eeuw, toen dat volkje hun geboortegronden rondom de equator, de tanah-air die op dat moment, tezamen met zijn inlanders, die zich opeens Indonesiërs waren gaan noemen, intens verfoeid en gehaat werd, moesten ontvluchten, was er een Indoslimmerik die zijn huisdiertjes, een koppel beo’s, tegen alle geldende verbodsbepalingen in, toch, als verstekeling, meenam. Hij dacht aan deze smokkel, in het verre Golland, een aardige duit over te kunnen houden, daar hij onbekendheid met deze sprekende vogel bij de polderbewoners te aldaar veronderstelde, dus zonde om deze in merdeka, in een verloren land, vol boze zwarte nachtelijke merries, pro Deo weg te laten vliegen. Alles ging goed tot het moment waarop het schip in de haven van Rotterdam was aangekomen en de vluchtelingen disembarkeerden. Onze slimme rik had zijn beo’tjes op de Nieuwe Waterweg, nog even vermanend doch vaderlijk toegesproken, ze in een oude sarong, een poesaka van zijn Iboe, gewikkeld en stapte met de sarong nonchalant aan de hand bengelend, zo als een ware vluchteling betaamd, de trap van de boot af. Het beeld dat velen van oude foto’s zullen herkennen, kleine koffiegekleurde pindamensjes in veels te grote grauwe winterjassen, met door angst getekende gezichten, als ware het dat de beloften van het nieuwe land er in werkelijkheid een stuk valser uitzagen dan in de Gordel van Smaragd zo gaarne ’s nachts werd gedroomd en overdag tijdens eindeloze gesprekken werd geïdealiseerd. Nou moet gesteld worden dat die bewuste dag begin maart, waarop onze slimme Rik de boot afstapte, het op de Rotterdamse kades verrekte koud was, een graadje of drie vroor en daarbij werden de vluchtelingen verrast met een verblindend witte sneeuwjacht, voortgedreven door een stijve bries, pal uit het Siberische oosten, die de door rijst-met-veel-lekkers-dr-bij, onder de tropische zon zo verwende monden deed open vallen van verbazing. En die monden bleven verstijfd open staan zodra de kou er zijn ijzige grip op kreeg. Toen onze Rik de scheepstrap afdaalde, was zijn eerste reactie een paar stevige vloeken, iets dat de beo’tjes maar al te goed herkenden, zij waren met deze gespierde taal van jongs af aan opgegroeid, ook de spraaklessen die zij ooit van Pappie, zo noemden zij hun eigenaarverzorger, in hun eerste levensjaar ontvingen, hadden louter uit krachtermen, godslasteringen en seksueel getinte gevatheden bestaan en werden deze door de beessies met zichtbaar plezier nageaapt, want de juiste uitspraak leverde altijd een sappig stuk papaja of manga op, beo’s doen nu eenmaal alles voor een lekker stuk fruit. Toen onze Rik bij de onderste tree was aangekomen en met een, door 3 weken zeedeining onvast geworden tred, op de vaste wal wilde te stappen gleed hij onderuit in de versgevallen sneeuw. Hij begon onmiddellijk met luide stem Onze-Lieve-Heer aan te roepen door middel van een paar hod-heloeiende hotperdomsees. De beo’tjes voelden zich, verscholen in hun donkere, naar kamfer stinkende verblijf, aangesproken en begonnen in stereo mee te godverren. Hotperdom-hotperdom klonk het dof van onder het batik tjap vandaan. Dit trok de aandacht van een alerte douanebeambte die aldaar was neergezet om de bruintjes een vriendelijk en geruststellend, met Rotterdams accent gekunsteld “selamat datang di Blanda, welkom in Uw Vaderland, landgenoten” toe te lachen, maar bij het zien van deze uiterst verdachte situatie onmiddellijk de ambtenaar in functie werd die hij eigenlijk het liefst uitbeeldde. Hij liep op Rik toe en vroeg: “Wat was dat?” “Wat hoorde ik daar, meneer?” “Zo een taalgebruik heeft toch geen pas bij aankomst in een land bewoond door nette mensen”. Rik stotterde en krabbelde, door een ambtelijke arm overeind getrokken, weer op de been. Toen de functionaris de verfrommelde samen geknoopte sarong oppakte en aan Rik wilde overhandigen, zagen de weer in volle functie zijnde ogen van de eerste, dat er iets mis was en vroeg hij streng: “Wat zit hier in, meneer?” De bundel fladderde enigszins, alsof deze de natuurlijke neiging bezat spontaan weg te vliegen vanwege naderend gevaar. “Niets”, stotterde Rik, op dat moment klonk vanonder de sarong: “Kuttekop, kuttekop”. De beambte liep roder aan dan hij inmiddels al van de kou en door de situatie uit zag en bulderde: “Wat zei U daar?" ”Niets, alleen maar kattenkop!”, stamelde Rik steeds zenuwachtiger wordend. Wel Non-de-Ju dit heb ik nog nooit van me hele leven meegemaakt, zo een belediging en dan nog wel door een… een… een buiteninlander. Maakt U eens open, dan zullen we zien of er nièts in zit, bulderde de beambte smalend. Rik begon aan de knoop, die de 4 punten van de sarong bijeen hield, te pulken en kreeg deze moeizaam los, “ati-ati’ fluisterde hij en de sarong viel open, twee verschrikte beo’s klampten bijeen. Wat zijn dit…..beesten, dat is tegen de wet en ten strengste verboden, bla,bla,bla ..…(op de puntjes wetsartikelen die door de beambte werden gedeclameerd).....zullen in beslag worden genomen, en dit geval zal er voor U ook nog een stevig staartje met alle gevolgen vandien aan vast zitten. De vogels gaan het asiel in en U krijgt een peevee". "Wat is dat, een veepee?”, vroeg Rik bedeesd. “Veepee, veepee, een peevee, proces-verbaal, zeker nog nooit van gehoord, boomaap”, bralde de beambte. Het woord “boomaap” deed de nieuwsgierige menigte die zich, met typisch verholen, zwijgend Indisch leedvermaak, om het slachtoffer had saâmgedromd, minstens een meter terugdeinzen. Dit moment zou in een zwaar aangedikt verhaal 60 jaar later nog vele malen in de bejaardensoos weder verteld worden in een periode dat racisme het weer verdrongen had als voornaamste dagelijks en oer-Hollandse hoofdonderwerp van gesprek en waar een ieder meer dan het zijne over wist te melden.

De aankomst te Rotterdam
De aankomst te Rotterdam

De vogels werden door de beambte in een Blue Band margarinedoos, die daar lag te slingeren, gedouwd, de flappen kruislings dichtgedaan en daarna door de dienstdoende ambtenaar onder de snelbinders van de bagagedrager zijner dienstfiets naar het asiel overgebracht. Eigenlijk stelde het asiel in die jaren niets voor, want verboden bedreigde exotische diersoorten bestonden nog nauwelijks, laat staan dat er wetten waren die het bezit ervan niet toe stonden. De beessies kwamen onder de hoede van een oude beambte bij het douane-entrepot, die aan de vooravond van zijn pensionering stond en weinig anders had te doen dan hoopvol het moment af te wachten waarop hij de schone jaren van welverdiende rust na een arbeidzaam leven, met vrouwlief delend achter de geraniums zou kunnen doorbrengen, wars van elke activiteit. De beambte, Gerrit geheten, was meteen dol op de dieren en verzorgde ze als ware het zijn eigen vlees en bloed. Dagelijks na de twaalfuur-schaft bedelde hij bij alle beambten de restanten uit de broodtrommeltjes, resten van sneetjes regeringswit met jong belegen, Argentijnse corned-beef, boterhammen-, gekookte- en sterf-op-straatworst, ontbijtkoek, speculaas, de klokhuizen van appels en peertjes, partjes sinaasappel en mandarijn, de beesten vraten alles, behalve ontbijt- en kinnebakspek, dan schreeuwden ze “Haram, Haram!” in het koor en trokken daarbij vieze lange snavels. De grootste sensatie was dat de vogels konden praten, wat tot veel hilariteit op de werkvloer aanleiding gaf, vooral het "kuttekop" deed het erg goed bij de mannen. Wisten die Blanda’s veel, zwijgzaam volk als zij in die zuinige jaren waren. Hun wereldbeeld eindigde ergens midden in een moddersloot, halverwege de sappig bleekgroene weiden gevuld door loeiende koeien. Hier en daar een kwakende eend of tsjilpende mus, ter opluistering van de stille momenten, als de koeien bijvoorbeeld aan het grazen waren of werden uitgemolken, door zo een kaaskop.


Vervolg>>

Reacties

Hi Lon,
Dit is nu weer zo'n smulverhaal . Goed geschreven in de stijl des tijds en met plezier gelezen. Zie al uit naar het vervolg.
04 november 2009 03:52:03

Uw reactie

: :

Reacties worden eerst beoordeeld alvorens te verschijnen.