Reacties
Venhuizen36 schreef:
Goedemiddag,
Met veel plezier gelezen, maar ik ben ook nog op zoek naar de uitgave van J.Th.Bruinsma → Kolonist op Nieuw Guinea. Wie kan mij hier aan helpen?
Met veel plezier gelezen, maar ik ben ook nog op zoek naar de uitgave van J.Th.Bruinsma → Kolonist op Nieuw Guinea. Wie kan mij hier aan helpen?
03 januari 2010 16:47:01
Londoh schreef:
Het verhaal van J. Bruinsma is ooit in moesson verschenen, op de Londoh-site heeft er een uitgebreide versie gestaann. misschien iets voor later dit jaar.
04 januari 2010 01:54:52
Venhuizen36 schreef:
Bedankt voor de reactie, ik ben zelf nog niet zo lang bekend met de Londoh site, het zou erg mooi zijn als het weer als totaal gepubliceerd kan worden op de site.
09 januari 2010 15:41:18
Startpagina
Admin-login
RSS
Fan worden
DETA-jongens (XIV)
Vandaag een verslagje van Clement Esser over werkzaamheden op Biak; aangevuld met een sterk verhaal.
Met gitaar ( hij kan er echt niets van ) Clement Esser, met die steelgitaar op schoot Paul Wendijk, met bas Eddie Herbig en met die ukelele Piet v.Heuven.v.Staerling.
Over de DETA-jongens op Biak was geen melding omdat ze officieel er ook niet waren. Wij waren een groep DETA-jongens uit Hollandia-Binnen die een opdracht kregen om een aantal huizen te bouwen w.o. dat van de Resident Lammers hadden voltooid. De KLM-mess op Biak ontstaan uit de WO II was aan een opknapbeurt toe, zodoende dat het hoofd van de R.W.D. (Residentie Waterstaat Dienst) Dhr. F.E.Dom, ons voor 2 maanden, vanaf half juni t/m half augustus 1951, daarheen zond voor het klusje.
Een ploeg van 16 man: Th.de Roy van Zuydewijn (voorman), B.Beckx, C. Pieters, P.Tulus, G.Roossen, N.v/d Zee, D.Sahetapy, P.Kumentas, M.Hercules en N.Hercules. (timmerlieden en betonwerkers) F.Loos,A.Kerkvoorden en F.Lassay (voor Spuit en schilderwerk ) en C.Esser voor het loodgieterswerk, verder nog Bernard Willems en Ridoveco Portier.
Naast het dagelijkse timmer- en metselgereedschap had de ploeg ook nog een compressor voor het spuitwerk en het fittergereedschap voor de loodgieter. Met de loodgieter ging ook een centrifugaalpomp en een benzinemotor mee om DE vloeistof die voor zoet water moest doorgaan uit een grotje omhoog te pompen naar een uit de WO II stammend door de Amerikanen achtergelaten reservoir dat zo'n beetje de rol speelde van een watertoren.
De eetzaal, douchegelegenheden, toiletten, wastafels e.d. moesten vernieuwd worden. Materiaal zoals hardboard, tengellatten, closetpotten, kranen en verf kwamen nieuw mee uit Hollandia, maar timmerhout, multiplex, waterleiding -pijpen en hulpstukken, daar hebben wij tegenwoordig het woord recycling voor, daar hadden de Amerikanen ook in voorzien in de dump.
Te Biak werd onze ploeg gehuisvest in een quanset barak aan zee. Onze maaltijden werden goed verzorgd door 2 Papoea koks, het goedkoopste dat ze ons voorschotelden was verse vis die zij in hun vrije tijd voor ons maal uit de zee haalden, anders was het alles uit blik.
Vermaak, "ja" dan gingen wij bijvoorbeeld naar de Blauwe grot op de weg naar Bosnik dan kochten wij daar meteen voor onze fourage kokos olie van goede kwaliteit uit een hele andere bereiding dan die uit copra verkregen olie.
Wij gingen daar ook eens een enkele keer naar de “openluchtbioscoop" op half in de grond geplante olie drums op de Base van de landmacht en Marine of in Kamp 17 in een loods waar Papoea moeders die hun baby's op de grond lieten kruipen en een zwijntje dat hun waarschijnlijk dierbaarder was dan hun eigen kind aan de borst zoogden.
Met een beetje creativiteit creëerden we uit zo'n sigaarvormige reserve brandstoftank uit de vliegtuigdump met aan bak- en stuurboord een drijver, iets waarop wij met er 2en op konden roeien naar de rif toe
Als er een Skymaster of een Constellation kwam landen op Biak, ging ik soms mee met het KLM personeel naar de Strip bij Mokmer. Er werden dan eerst wat droge en dan halfdroge en natte boomtakken verzameld, dan werd een vuurtje aan de rand van de landingsbaan gestookt en aan de hand van de rookpluim werd bepaald hoe dat toestel aan de grond moest komen. Zo kwamen ze van het geciviliseerde Europa Biak binnen en werd ook "De Poort van Europa" genoemd.
Er waren daar geen bussen waarmee de passagiers vervoerd werden maar per "Lintwurm" dat is zo'n grote trekker en hingen er van die wagens aan waarvan enkelen waren voorzien van banken zodat de passagiers konden zitten en zoniet staande naar de KLM-mess of de Base (meestal militairen).
Verder was niets aan vermaak dan misschien nog naar de V&W (Verkeer en Waterstaat) kantine toe voor chocomel met schaafijs. Koffie en thee was daar in die tijd niet populair, want met dat brakke water daar was geen koffie te zetten of thee te trekken. Het lessen van de dorst werd toen overgelaten aan de aanvoer van Heineken en de regen.
Toen het karwei geklust was konden wij weer naar Hollandia terug een deel v/d groep met de boot, terwijl een ander deel, omdat er anders een DC 3 leeg naar Hollandia zou vliegen, wij per vliegtuig terug kon, zo ging dat.
© 2003 Clement Esser
Nu schiet mij ineens een sterk verhaal te binnen.
In de jaren 50 werd de Baliem-vallei ontdekt en maakte het volkje daar een flinke sprong vanuit -letterlijk- het stenentijdperk naar de 20e eeuw.
Van een vliegtuig dat over de vallei vloog dachten zij dat het 2 dwars over elkaar liggende stenen waren die aan hen verschenen om ze een nieuwe tijding aan te kondigen. Die tijding kwam inderdaad. Ineens moesten zij Nederlands leren terwijl zij door al de eeuwen heen nooit een taal kenden dan behalve klanken en kreten waarmee ze zich aan elkaar verstaanbaar trachtten te maken, want dat was op zich ook al een probleem.
Ook zij kenden misverstanden die tot stammenoorlogen leidden die toch zeker niet mals waren maar soms ook wel tot grappige toestanden uitliepen. Zo was een van die jonge krijgers zwaargewond door een pijl in zijn lijf naar - zoals zij dat naar hun verstand altijd hadden beweerd- een andere wereld overgebracht n.l. Hollandia. Alles wat achter het gebergte rondom de vallei was, was een hele andere wereld met hele andere wezens die daar woonden. Dit bevoorrechte slachtoffer ontwaakte in die hele andere wereld in het electrisch verlichte ziekenhuis dat voor hem een niet te geloven belevenis en ervaring werd. Hij kon zich intussen aardig verstaanbaar maken.Met verwondering duidde hij aan: "Jullie hebben zoveel zonnetjes in huis, wij hebben er maar één en die zien wij 'snachts niet. Als jullie aan het knopje draaien dan schijnen er een paar zonnetjes tegelijk".
Toen hij verder opgeknapt was mocht meerdere dingen beleven in zijn jonge leven.
Ze namen hem mee naar het strand "Base-G" en mocht zijn blik werpen op de oceaan en genieten van een strand wandeling. Hij kreeg dorst liep naar het water toe en nam een slok, en dat was hem toch even schrikken. "Maar", maakte hij duidelijk: "Dit is een levensbehoefte, wat wij in het vallei bezitten is maar een klein miezerig bronnetje dat ons in dat zout voorziet, jullie zijn rijke wezens dit moeten wij daar ook hebben en ik neem hiervan wat mee naar huis". Liep het strand af om wat lege flessen te vinden om ze met het zeewater te vullen en ineens maakte hij - zijn ogen niet gelovende - met schrikwekkend geklank zijn begeleiders de wonderbaarlijkste ontdekking van zijn jonge leven bekend: "Ja, nu is toch zeker wel het einde van alle wonderen, het geld ligt hier voor het rapen ook nog en wij moeten daar heel zuinig zijn met dit betaalmiddel.
vervolg >>
Reeds verschenen:
- De DETA-jongens (I)
- De DETA-jongens (II)
- De DETA-jongens (III)
- De DETA-jongens (IV)
- De DETA-jongens (V)
- De DETA-jongens (VI)
- De DETA-jongens (VII)
- De DETA-jongens (VIII)
- De DETA-jongens (IX)
- De DETA-jongens (X)
- De DETA-jongens (XI)
- De DETA-jongens (XII)
- De DETA-jongens (XIII)