Reacties
h0mpy schreef:
ik hoop dat er meer stukken over de britten in latere tijden komen.
de voc had een goed opgezet handelsnetwerk waardoor de invoer van zilver in zuid oost azie tot een minimum beperkt kon blijven.
een belangrijke schakel in dit netwerk was japan.
aangezien de eic niet in japan vertegenwoordigd was waren zij wel onderhevig aan het transporteren van grote hoeveelheden zilver van engeland naar de oost.
de voc had dus lange tijd een stapje voor op de engelsen.
in latere tijden ziet men de opkomst van de britse country traders. een soort van prive bedrijfjes.
een doorn in het oog van de voc.
aangezien zo een country trader kleinschalig te werk ging konden zij beter inspelen op de vraag naar bepaalde producten van bijvoorbeeld peperproducenten in indonesia. ook vanwege de kleinschaligheid konden ze de kosten drukken waardoor zij hogere prijzen konden bieden voor producten als peper en thee bijvoorbeeld.
in voc gebied was het de lokale bevolking vaak verboden te handelen met de country traders maar vanwege de uitgestrekte kustlijnen kon hier onmogelijk toezicht op gehouden worden.
voc thee uit china was vrijwel altijd van derde rangs kwaliteit. de beste thee werd verkocht aan de engelsen die een rechtstreekse vaart op china onderhielden.
de voc was voor thee voornamelijk afhankelijk van de chinese jonkvaart op batavia. de al slechtere kwaliteit thee was op deze jonken ook nog eens onderhevig aan slechte verpakking wat de kwaliteit nog minder maakte.
omdat er door de voc niet zelf toezicht werd gehouden op de inkoop van thee kwam het zelfs wel eens voor dat bij het uitpakken van de balen geen thee te voorschijn kwam.. lekker voor ze :)
de voc had een goed opgezet handelsnetwerk waardoor de invoer van zilver in zuid oost azie tot een minimum beperkt kon blijven.
een belangrijke schakel in dit netwerk was japan.
aangezien de eic niet in japan vertegenwoordigd was waren zij wel onderhevig aan het transporteren van grote hoeveelheden zilver van engeland naar de oost.
de voc had dus lange tijd een stapje voor op de engelsen.
in latere tijden ziet men de opkomst van de britse country traders. een soort van prive bedrijfjes.
een doorn in het oog van de voc.
aangezien zo een country trader kleinschalig te werk ging konden zij beter inspelen op de vraag naar bepaalde producten van bijvoorbeeld peperproducenten in indonesia. ook vanwege de kleinschaligheid konden ze de kosten drukken waardoor zij hogere prijzen konden bieden voor producten als peper en thee bijvoorbeeld.
in voc gebied was het de lokale bevolking vaak verboden te handelen met de country traders maar vanwege de uitgestrekte kustlijnen kon hier onmogelijk toezicht op gehouden worden.
voc thee uit china was vrijwel altijd van derde rangs kwaliteit. de beste thee werd verkocht aan de engelsen die een rechtstreekse vaart op china onderhielden.
de voc was voor thee voornamelijk afhankelijk van de chinese jonkvaart op batavia. de al slechtere kwaliteit thee was op deze jonken ook nog eens onderhevig aan slechte verpakking wat de kwaliteit nog minder maakte.
omdat er door de voc niet zelf toezicht werd gehouden op de inkoop van thee kwam het zelfs wel eens voor dat bij het uitpakken van de balen geen thee te voorschijn kwam.. lekker voor ze :)
07 februari 2009 16:14:08
Patrick schreef:
@h0mpy,
Aangezien Lon net terug is uit de Molukken leek het me beter te wachten met verhaaltjes over de Britten in de Molukken totdat Lon uitgepraat is over zijn interessante belevenissen. (daar zitten de lezers in de eerste plaats op te wachten :=)
sekian.
Aangezien Lon net terug is uit de Molukken leek het me beter te wachten met verhaaltjes over de Britten in de Molukken totdat Lon uitgepraat is over zijn interessante belevenissen. (daar zitten de lezers in de eerste plaats op te wachten :=)
sekian.
07 februari 2009 17:02:02
h0mpy schreef:
ja maar.. ik kan wel meer verhaaltjes aan dan 1 per dag! een stuk of 6 ofzo? :p
07 februari 2009 17:14:35
Londoh schreef:
He slavendrijver :-)
Een verhaal per dag is voor mij al een hele opgave, ik ben al blij dat ik daar aan kan voldoen. Sinds ik dit weblog begonnen ben zit ik op dat gemiddelde, en dat vind ik een hele prestatie. In het algemeen schrijf ik erg langzaam. Soms zijn er momenten dat ik er zo een verhaal uitrammel, maar meestal is dat niet het geval. Dus 1 per dag blijft het schone streven.
Een verhaal per dag is voor mij al een hele opgave, ik ben al blij dat ik daar aan kan voldoen. Sinds ik dit weblog begonnen ben zit ik op dat gemiddelde, en dat vind ik een hele prestatie. In het algemeen schrijf ik erg langzaam. Soms zijn er momenten dat ik er zo een verhaal uitrammel, maar meestal is dat niet het geval. Dus 1 per dag blijft het schone streven.
08 februari 2009 03:05:19
h0mpy schreef:
wat jammer
Stichting Het Schone Streven. Dat zit hier bij ons in de stad. schijnt rondreizen te houden in heel zuid oost azie.. voornamelijk indonesia. en dat gaat soms niet helemaal goed :)
Stichting Het Schone Streven. Dat zit hier bij ons in de stad. schijnt rondreizen te houden in heel zuid oost azie.. voornamelijk indonesia. en dat gaat soms niet helemaal goed :)
08 februari 2009 09:07:18
Admin-login
RSS
Lid worden
29 januari 2009: British East India Company in de Molukken (III)
natuurlijk alles te maken met de politiek van de VOC om deze gebieden af te schermen van andere Europese mogendheden om zo het monopolie op de specerijenhandel te bekomen.
In 1613 maakte de koopman John Jourdain met het schip de Darling (6de EIC-reis) een tripje naar Banda. De Nederlanders maakten het hem onmogelijk om daar handel te drijven. Jourdain trok zich terug naar Seram (waarschijnlijk Gule Gule) waar hij een ontmoeting had met Jan Pieterszoon Coen. Deze ontmoeting zou uitdraaien op een jarenlange vete tussen hen. Het was de Engelsen duidelijk dat indien ze in die regio handel wilden drijven ze naar andere oplossingen op zoek zouden moeten gaan.
In Engeland werd er dan ook beslist dat i.p.v. financiers te laten inschrijven op elke reis afzonderlijk, hen te laten inschrijven op aandelen van de EIC. De bewindvoerders van de EIC werden daardoor volledig verantwoordelijk voor de opbrengst maar voerden dan ook het operationele bevel over alle reizen en alle nederzettingen van de EIC. Hieruit vloeide dan ook de beslissing om in de Molukken op zoek te gaan naar andere plaatsen, waar de Nederlanders nog niet fysiek aanwezig waren, om factorijen op te zetten.
Jourdain, ondertussen opperkopman te Bantam, besliste ondertussen twee schepen, de Concord en de Speedwell, naar Banda te sturen met de opdracht handel te drijven en ook de mogelijkheid om een factorij op te zetten te onderzoeken. De net gearriveerde Nederlandse gouverneur-generaal , Gerard Reynst, ontving de Engelsen allesbehalve vriendelijk. De Engelsen weken daarop uit naar Pulau Ai, waar ze een lading nootmuskaat innamen en een factorij bouwden. Sophony Cozucke, Richard Hunt, John Skinner en enkele andere bleven er achter.
Op 14 mei 1615 vielen de Nederlanders met een duizend man Pulau Ai aan, maar de verdedigers, Engelsen en Bandanezen hadden zich zeer goed voorbereid. Toch moesten zij het onderspit delven. Reeds zeker van hun overwinning begonnen de Nederlanders deze al te vieren alvorens het laatste verzet gebroken was. Nog in overwinningsroes vielen de Bandanezen hen op nieuw aan en slaagden erin hen van het eiland te verdrijven. Van deze overwinning lijken de Engelsen ook gebruik gemaakt te hebben om een factorij op te zetten in Cambello op Hoamoal en op Pulau Run, waar ze zelfs met de bouw van een fort begonnen.
Zowel de Engelsen als de Nederlanders vragen Bantam om versterkingen. De Nederlanders sturen echter een vloot van 12 schepen o.l.v. ‘t Lam, de Engelsen slechts vijf, de Swan , Defence, Thomas, Concord en Speedwell o.l.v. een zeer excentrieke Samuel Castleton. Net op het ogenblik dat ze voor Pulau Ai een zeeslag wilden uitvechten, sloten de beide vlootvoogden een “herenovereenkomst”. Castleton gaf het bezit van de eilanden Pulau Ai en Pulau Run op met als enige voorwaarde dat de Engelsen vrij handel mochten drijven nadat de Nederlanders de eilanden veroverd hadden op de Bandanezen. Castleton lostte op deze manier een ereschuld in die hij bij ‘t Lam nog had uitstaan. Engelse bronnen spreken hier flegmatiek over “fouten die gemaakt werden en enkel en alleen de verantwoordelijkheid van de vlootvoogd (Castleton) waren.” Castleton trok zich terug naar Seram (Cambello ?). Na hevige gevechten werd Pulau Ai veroverd en bouwden er “Fort der Wrake” (Fort Revenge).
De Nederlanders maakten van deze overwinning gebruik om alle Banda-eilanden aan zich te binden met afgedwongen verdragen, behalve Pulau Run, waar de laatste opstandige Bandanezen en Engelsen (Richard Hunt) hun toevlucht zochten. Ook de Engelsen te Cambello werden gevankelijk weggevoerd naar Fort Nassau.
Op 13 december 1616 kwamen twee Engelse schepen, Swan en Defence, o.l.v. Nathaniël Courthope, aan op Pulau Run. Het eiland werd door de opstandelingen formeel aan de Engelsen overgedragen. Daarna begonnen de Engelsen aan de bouw van twee forten, genaamd naar hun schepen, Fort Swan en Fort Defence. In Januari 1617 slaagden de Nederlanders erin de Swan, die naar Rosengain en Lontor gevaren was om voedsel en water op te slaan, buit te maken. Het schip werd ontmanteld te Neira en de Engelsen gevankelijk weggevoerd. Later dat jaar, in maart, verloren de Engelsen ook nog eens het schip Defence door verraad. Ze zaten nu volledig opgesloten op het eiland Run.
wordt ten gepaste tijde vervolgd.